Persbericht 05.03.11 Marian Plug Willeke van Tijn Gerbrand Volger
Op 10 april 2011 opent PAUL VAN VLIET de tentoonstelling van de beeldende kunstenaars MARIAN PLUG, WILLEKE VAN TIJN en GERBRAND VOLGER in GALERIE HELGA HOFMAN, Alphen a/d Rijn.
De kunstenaars vonden elkaar in de schilderkunst, diezij alle drie al enkele decennia beoefenen.
Het verbindende element is dat zij een heel persoonlijke stijl hebben ontwikkeld, onafhankelijk van de talloze en snel wisselende hoofdstromen in de hedendaagse kunst.
Marian Plug studeerde aan de Rijksnormaalschool voor Tekenleraren in Amsterdam en Ateliers 63 in Haarlem. Een beurs stelde haar in staat om in Polen de technische kant van de lithografie te bestuderen. Sinds de jaren tachtig legt zij zich volledig toe op het olieverfschilderij.
Ze ontwikkelt een geheel eigen benadering van het zogenaamde romantische landschapsschilderij. Voor Marian Plug is het landschap een aanleiding om een schilderij te maken. Daarbij staat het afbeelden van dat landschap niet op de eerste plaats. Het doek ontstaat volledig in de studio, zonder schetsen, zonder foto´s, kortom zonder de hulp van afbeeldingen van 'echte' landschappen. Marian Plug schildert geconcentreerd en bij elke penseelstreek gaat het om het oplossen van de schilderkunstige problemen die het vlak oproept. Haar landschappen balanceren tussen figuratie en abstractie.
Marian Plug kreeg verschillende prijzen, waaronder de Jeanne Oostingprijs voor schilderkunst, de Hans Jafféprijs en de Singer Prijs. Haar werk is in collecties van grote bedrijven en musea zoals het Stedelijk Museum Amsterdam, het Stedelijk Museum de Lakenhal te Leiden en belangrijke particuliere verzamelingen.
Willeke van Tijn maakt op manshoog formaat pastels en schilderijen van menselijke figuren in overdreven theatrale houdingen. Ze zijn wel figuratief maar allerminst realistisch. Het realisme dat men denkt te zien is een welbewuste interpretatie van de werkelijkheid. De gestolde houdingen van deze dramatische barokke figuren zijn geënsceneerd in een imaginair landschap, terwijl koele abstracte en decoratieve vormen een spannend contrast bieden. Het verlangen naar romantiek ligt er zo dik bovenop dat het werk ook onmiskenbaar ironie in zich draagt.
Het refereert sterk aan de schilder- en beeldhouwkunst van de jaren 1920: met name De Chirico, Léger en Tatlin zijn daar voorbeelden van.
Bij Helga Hofman exposeert zij pastels van Vaslav Nijinsky, de sterdanser van het ‘Ballet Russe’ ten tijde van Diaghilev. Nijinsky regisseerde later voorstellingen waarvan de decors werden uitgevoerd door onder anderen Picasso en De Chirico. Voor deze tentoonstelling maakte zij monumentale pasteltekeningen van Nijinsky in zijn bekende faunkostuum, dansend tussen de decors van beroemdheden uit het begin van de twintigste eeuw. Naast schilderijen en kleinere pastels toont zij driedimensionale objecten van honingraatkarton, die aansluiten bij dezelfde thematiek.
Gerbrand Volger wordt hoofdzalijk genoemd als virtuoos tekenaar. Hij maakt zwart-wit-tekeningen op groot formaat, pastels en olieverfschilderijen. Zijn werken gaan over het levensgevoel en worden gekenmerkt door een architectonische setting, waarin zich figuren ophouden als beweeglijke tegenstelling.
Samen met Willeke van Tijn toonde hij vanaf de jaren 1983 kunstprojecten in o.a. het Frans Halsmuseum en het Rijksmuseum Twenthe van industriële onderwerpen, zoals Van Gelder Papier en Hoogovens. Later kwamen er politiek georiënteerde projecten over bij voorbeeld Cuba en Rusland. Het laatste, geïnspireerd op de val van de Sovjet-Unie en Sovjet-esthetiek (‘Back to the USSR. Ideals longpast’) werd in 2010 geëxposeerd in het National Centre for Contemporary Art in Nizhny Novgorod.
Volger heeft een nauwe band met het schilderkunstig verleden. Zijn opgave is het om een verbinding te maken tussen de hedendaagse technische wereld en het verleden. De manier van werken is min of meer tijdloos, modern in de zin van provisorisch en vrij, maar aansluitend bij de culturele canon. Enkele van zijn thema's waren: Don Quichote en Erlkönig. De laatste tijd grijpt hij weer terug naar de mythologie: Diana en Akteion, Orpheus en Eurydike, Leda en de zwaan zullen op de expositie te zien zijn.